Skip to Content
Afbeelding
Back

Regen opvangen in de tuin

Regen opvangen in de tuin

Een eigenaar van een huis moet zelf ervoor zorgen dat het regenwater op zijn terrein verwerkt wordt. Net zoals de gemeente dat moet doen op gemeentegrond, als eigenaar van de openbare ruimte. Het is dus een taak van iedere huiseigenaar om regen te bergen en infiltreren in de grond. En alleen als het niet anders kan de regen afvoeren naar de openbare ruimte.
 
In de regels van jouw gemeente staat hoeveel regenwater je zelf op moet opvangen. In sommige wijken en gemeenten regelt de gemeente de afvoer van al het regenwater van de huizen. Of het nou moet of mag: hier lees je hoe je je tuin kunt inrichten om regenwater op te vangen, zonder dat er bij jou of je buren waterschade komt.

Zelf doen of deskundige hulp?

Je kunt zelf aan de slag in je tuin. Als je één of meer van deze dingen voor jou geldt, is het verstandig een deskundige in te schakelen.

  • Je tuin ligt lager dan de straat
  • Je huis ligt lager dan (een deel van) de tuin
  • De tuin van de buren ligt veel lager dan jouw tuin
  • De grond is van klei of veen

Doelen regenwater opvangen

Image

Regen opvangen kan op verschillende manieren en dient verschillende doelen. Bij elke manier van opvangen worden één of meer doelen bereikt. Bij de maatregelen die verderop staan, zie je letters die laten zien voor welk doel de manier vooral geschikt is. Dit betekenen die letters:

D   Drinkwater besparen: Je benut regenwater voor dingen waar je anders drinkwater zou gebruiken. Je gebruikt dus minder drinkwater.
S    Schade voorkomen: Je zorgt voor ruimte in de tuin waar een hevige bui in opgevangen kan worden. Zo komt het water niet in je huis en komt het ook niet via de weg bij anderen terecht.
G   Grondwater aanvullen: Het regenwater zakt in de grond en is daar beschikbaar voor planten en bomen.
Z    Zuivering ontzien: Je voert minder water af en zo gaat er minder regen naar de rioolwaterzuivering. Deze kan daardoor beter en goedkoper het afvalwater schoonmaken. Omdat er minder regen in de riolering komt, zijn er minder overstortingen vanuit de riolering naar het oppervlaktewater.

Regen in de tuin opvangen

De meeste tuinen zijn prima in te richten zodat je er water in opvangt. Maar dat is niet bij alle tuinen even eenvoudig. Allereerst moet er voldoende ruimte zijn om het regenwater op te vangen. Ook moet het water weer snel kunnen weglopen. En natuurlijk mag er geen wateroverlast ontstaan, ook niet bij een heel hevige regenbui. Vaak kun je prima zelf aan de slag met een watertuin. Soms is het handiger om een deskundige in te schakelen. Lees hoe je in je eigen tuin regenwater kunt verwerken.

Regen valt op het dak, loopt via de dakgoot en regenpijp naar beneden en gaat dan via de huisaansluiting naar het riool onder de weg. Zo is het bij de meeste gebouwen. Als je regenwater in de tuin gaat opvangen, zijn er twee varianten. Je maakt van je tuin een extra wateropvang tussen de regenpijp en de aansluiting op het riool, of je gebruikt bijvoorbeeld een overloop naar een sloot voor als je tuin vol is, in plaats van een overloop naar het riool. We noemen dat losmaken van het riool ook wel afkoppelen. Je moet dan je tuin zo inrichten dat je het water kunt opvangen in je tuin. Tijdens een regenbui loopt het daarvoor bedoelde deel van de tuin dan vol. Als de bui voorbij is, zakt het opgevangen water langzaam weg in de grond of het verdampt.

Hoosbuien opvangen?

Hoeveel regenwater kun je opvangen? Niet iedereen heeft een enorme tuin. De meeste manieren om regenwater op te vangen in de tuin, zijn vooral geschikt voor matige tot stevige buien. De regen van een hoosbui kunnen je dak en tuin waarschijnlijk niet goed verwerken zonder overloop. Voor extreme hoeveelheden regen hebben we extreem grote voorzieningen nodig. Daar is in de openbare ruimte meer plek voor dan in je tuin. Maar als je veel water opvangt in je tuin, helpt dit waterproblemen voorkomen.

3 goede manieren om regenwater zelf op te vangen

De beste manieren om water op te vangen in je tuin zijn:

  1. Regenwater bergen in een verlaging van de tuin. Een laagteberging waaruit het water in de grond zakt.
  2. Regenwater van de regenpijpen en je terras ondergronds opvangen en het in de grond laten stromen.
  3. Regenwater vasthouden op je dak.

1. Laagteberging

Image

Goed voor: S Schade voorkomen  G Grondwater aanvullen  Z Zuivering ontzien

De meest effectieve wateropvang is een lege bak die zich alleen bij regenbuien vult. Een laaggelegen gazon bijvoorbeeld. Of laag terras of zitkuil. Of een vijver waarvan het peil kan stijgen. Het is belangrijk dat een volle bak in twee dagen weer leeg is. Dan is er weer opvangruimte voor een volgende regenbui. Het water kan verdwijnen door:

  • Verdamping
  • In de grond zakken (infiltratie). Hoe beter doorlatend de grond, hoe sneller het water weg is.
  • Afvoer naar een sloot of ander oppervlaktewater dat grenst aan de tuin
  • Afvoer naar lager gelegen (openbaar) gebied (noodoverloop)

Praktische tips voor laagteberging

  • Bereken vooraf goed wat jouw tuin aankan, dus hoeveel regenwater je tuin kan opvangen. Gebruik hiervoor een rekentool voor het dimensioneren van regenwatermaatregelen op een perceel. Je kunt ook een aannemer of hovenier vragen om de berekeningen te maken.
  • Voorkom dat regenwater over plekken stroomt waar je veel loopt. Anders heb je bij vorst of natte herfstbladeren eerder last van gladheid.
  • Zeker in een kleine tuin is het erg belangrijk om een ‘noodoverloop’ te maken voor als het harder regent dan de opvang aankan. Dit houdt in dat het teveel aan water naar de openbare ruimte stroomt. Bijvoorbeeld via een goot of put in de bestrating. Nog beter is het als het regenwater overloopt naar een sloot of ander oppervlaktewater in de buurt. Overleg met de gemeente als je een overloop wilt maken op het riool.
  • Voor de opvang van regenwater maakt de diepte van de vijver niet uit, want dat water is er altijd. Belangrijk is te bedenken of het waterpeil van de vijver flink mag stijgen tijdens een regenbui. Dan heb je ruimte om regenwater op te vangen. Daarbij is het belangrijk dat dit extra water kan weglopen. Bijvoorbeeld langzaam in de grond zakken in een grindbed of in een plantenstrook rond de vijver. Om als opvang te kunnen dienen, moet het regenwater binnen twee dagen kunnen wegstromen.

2. Ondergrondse berging

Goed voor: S Schade voorkomen  G Grondwater aanvullen Z Zuivering ontzien

Sommige mensen vangen het regenwater liever ondergronds op. Bijvoorbeeld onder de tegels, het gras of borders in grindkoffers, infiltratiekratten of holle ruimtes, zoals een zinkput. Het water verdwijnt uit de berging doordat het in de grond zakt. Dit werkt dus alleen als de grond in je tuin goed doorlatend is! Het nadeel van een ondergrondse opvang is dat je het niet snel merkt als er iets in het systeem mis is. Bladvangers, zandvangputten en filtervoorzieningen zijn belangrijk om verstopping te voorkomen.

Image

Grindsleuf en grindbed

Een geul gevuld met grind of een grindlaag in een deel van de tuin kan het water snel in de ondergrond te brengen. Dit kan minder water bergen dan een verlaging in de tuin, omdat het grind een deel van de plek vult. Ongeveer een derde van een kuil met grind is beschikbaar voor water. Onder of in de grindlaag kun je een infiltratiedoek leggen om vuildeeltjes af te vangen.

Image

Infiltratiekratten

Infiltratiekratten zijn kistjes van kunststof of ander materiaal onder de grond. Je ziet er dus niets van. De kratten slaan regenwater op, waarna het in de grond zakt. De kratten worden onder de grond gelegd met eromheen een infiltratiedoek. Dat doek voorkomt dat zand de infiltratievoorziening in stroomt.

Holle ondergrondse berging

Wie liever geen kunststof in de grond stopt, kan een zinkput bouwen. In een kuil stapel je dan in cirkels bakstenen of tegels op. Het regenwater loopt in de put. Via de bodem en door de kieren tussen de stenen loopt het regenwater eruit naar de grond.

Praktische tips voor ondergrondse berging

  • Bereken vooraf goed wat jouw tuin aankan, dus hoeveel regenwater je tuin kan opvangen. Je kunt ook een aannemer of hovenier vragen om de berekeningen te maken.
  • Zeker in een kleine tuin is het erg belangrijk om een ‘noodoverloop’ te maken voor als het harder regent dan de opvang aankan. Dit houdt in dat het teveel aan water naar de openbare ruimte stroomt. Bijvoorbeeld via een goot of put in de bestrating. Nog beter is het als het regenwater overloopt naar een sloot of ander oppervlaktewater in de buurt.
  • Overleg met de gemeente als je een overloop wilt maken op het riool.
  • Let op ondergrondse boomwortels, kabels en leidingen als je een ondergrondse buis of ander onderdeel aanlegt.
  • Zorg voor ontluchting voor de ondergrondse infiltratievoorzieningen. Als er water inloopt, moet er lucht uit.
  • Bij ondergrondse opvang merk je niet snel als er iets mis is. Ontwerp je systeem daarom zo, dat je af en toe de werking kunt controleren.

3. Regenwater opvangen op het dak

Image
Goed voor: Z Zuivering ontzien
 
Veel daken zijn schuin en hebben dakpannen. Water stroomt dan direct weg naar de dakgoot. Hellende daken voeren sneller af dan platte daken. Als een dak plat is of niet sterk hellend, kun je ervoor kiezen extra water op te vangen. Dat kan met een groen, blauw of groenblauw dak.
 
Een blauw dak heeft een normale dakbedekking, dus zonder planten erop. Het verschil met een gewoon plat dak is dat een rand vlak bij de regenpijp water tegenhoudt. Er blijft dus een laagje water op het dak staan, waardoor een blauw dak regenwater bergt. Het geborgen water loopt vertraagd weg via een kleine opening, of het loopt helemaal niet weg en moet verdampen. Als er meer regen valt dan er op het dak past, stroomt het over de rand weg via de regenpijp.

Een groen dak is een dak met plantjes erop. Die plantjes groeien op een substraatlaag; een laag grond of ander materiaal waarin de wortels zitten. Vaak zijn dit vetplantjes, maar er zijn ook daktuinen met een dikke laag aarde en allerlei planten. De substraatlaag houdt wat regenwater vast, en daaruit verdampt het. Onder de substraatlaag zit de drainagelaag. Als de substraatlaag vol water zit, zakt het water erdoor en komt het in de drainagelaag. Daarin stroomt het naar de regenpijp die het water afvoert.

Een groenblauw dak is een groen dak waarbij het water niet wegstroomt uit de drainagelaag. Een rand vlak bij de regenpijp houdt water tegen, dat dus onder de substraatlaag een tijdje blijft staan. Er groeien plantjes op de substraatlaag die ook wat water vasthoudt. Vanuit de drainagelaag loopt het water vertraagd weg via een kleine opening, of loopt helemaal niet weg en voedt de plantjes. Ook hier stroomt de regen over de rand weg via de regenpijp als het dak vol is.

Als een dak extra gewicht kan dragen, dan kan het extra water vasthouden. Hoe groter de draagkracht, hoe dikker de substraatlaag en afvoerende laag kunnen zijn. Hoe dikker de substraatlaag en hoe hoger de drempel in de afvoerende laag hoe meer water het dak vasthoudt.

Voor de veiligheid blijft de regenpijp nodig als overloop. Het dak mag niet beschadigen door te veel water erop. Het is dus belangrijk er genoeg water door de regenpijp kan bij een hoosbui. Het vergroten van de waterberging door de afvoer te beperken is niet verantwoord.

Als op een blauw dak grind ligt, is de berging daar minder. Grind bevat ongeveer een derde holle ruimte. Een groen, blauw of groenblauw dak kan goed worden gecombineerd met laagteberging of een ondergrondse berging in de tuin.

Praktische tips voor waterberging op het dak

  • Grind en grond zijn zwaar. Zeker als daar ook nog het opgevangen regenwater bij komt. En het dak moet ook nog een laag sneeuw en het betreden door een persoon kunnen dragen. Je dak moet dus sterk genoeg zijn om het extra gewicht te dragen. Vraag een bouwkundig adviseur of jouw dak geschikt is. Ook is een opstaande rand rondom nodig. Dan loopt het regenwater niet over de rand.
  • Hoeveel water er in een jaar of tijdens één bui op je dak achterblijft, kun je vooraf berekenen. Je kunt ook een aannemer of hovenier vragen om de berekeningen te maken.

Regenwater benutten

Goed voor: D Drinkwater besparen  Z Zuivering ontzien

Het beste water om planten mee water te geven is regenwater. Je bespaart dan ook drinkwater uit de kraan. Je kunt het regenwater in je tuin gebruiken door het op te vangen in een regenton, een regenzuil, een watertank onder het huis of onder de tuin of een ander reservoir. Misschien klinkt het gek, maar een regenton in je tuin helpt niet tegen wateroverlast. Je wilt tenslotte het liefst dat de regenton altijd vol gietwater zit. Dat betekent dat er geen plaats is voor een grote regenbui.
 
Ook al is de ton wel leeg, dan nog is ‘ie veel te klein om een hele regenbui in te bergen. Een grote regenton is 200 liter. Bij een hoosbui kan er wel 60 tot 120 millimeter regen vallen. Als je dak en tuin samen een oppervlak hebben van 200 m2, dan valt er bij die hoosbui wel 12.000 tot 24.000 liter water! Nadat de regenton zich heeft gevuld met 200 liter regenwater, dan blijft er dus bij de kleinste genoemde hoosbui nog 11800 liter over! Je hebt dus nog 59 regentonnen nodig om de hele bui te bergen. Regentonnen zijn dus alleen geschikt als klein reservoir voor gebruik van regenwater.

Praktische tips

  • Dek het waterreservoir af met een deksel of met gaas. Zo vermijd je muggenoverlast.
  • Als je de overloop van het reservoir aansluit op een bovengrondse berging, dan help je mee met het bergen van regenwater én benut je regenwater.

Vakmanschap en aandacht

Een watertuin ontwerp je net als een andere tuin, dat kun je prima zelf doen. Het afkoppelen van regenwater is wel meer dan alleen het afzagen van een regenpijp. Je wilt natuurlijk geen waterschade veroorzaken in je huis, tuin of schuur, of die van de buren. Of bubbels of stank uit je “afgekoppelde” riolering. Het is belangrijk dat je uitrekent hoeveel liter regenwater de tuin moet kunnen opvangen om probleemloos te werken en hoeveel liter water per seconde water nog weg moet kunnen lopen als de tuin vol is. Ook is het belangrijk om de technische oplossingen goed uit te voeren en vooral ook goed te beheren. Dat vraagt om vakmanschap van de tuinbranche, installateurs en aannemers. En ook aandacht van jou als bewoner voor de werking van de voorzieningen.